Gids voor ouders & opvoeders

Mijn kind vertelt over misbruik. Wat nu?

Het eerste wat je kind nodig heeft ben jij: rustig, aanwezig en iemand die gelooft wat er verteld wordt.

8 minuten lezen · Uitgangspunt: kinderen van 4 tot 12 jaar

Eerst: haal adem

Dat je kind het aan jou vertelt, zegt iets over vertrouwen. Je hoeft op dit moment niet alles te weten, op te lossen of goed te doen. Verdriet, woede en schuldgevoel horen erbij.

Wat je kind het meest helpt, is dat jij kalm blijft en blijft luisteren. De rest kan stap voor stap.

Wat zeg je op dat moment?

Zeg dat je het fijn vindt dat je kind het vertelt. Zeg dat het niet de schuld van je kind is. En geef het kind de ruimte om in eigen tempo te vertellen.

Helpt vaak
  • Goed dat je het ons hebt verteld.
  • Ik geloof je.
  • Het is niet jouw schuld.
  • Je hoeft nu niet alles te vertellen.
Liever niet
  • Vertel precies wat hij of zij deed.
  • Weet je het zeker?
  • Waarom heb je dat niet eerder gezegd?
  • Ik vermoord die man!

Jouw taak is luisteren, niet onderzoeken. Dwing je kind niet om details te geven. Als je zelf boos of verdrietig wordt waar je kind bij is, leg dan uit dat die gevoelens niet door je kind komen.

De dagen erna

Een veilig gevoel groeit door herhaling. Je helpt je kind vooral met wat voorspelbaar en gewoon blijft.

  • Houd de routine vastSchool, bedtijden en vaste momenten thuis geven houvast.
  • Troost op de manier die je kind fijn vindtEen knuffel kan helpen. Laat je kind het zelf aangeven en respecteer een nee.
  • Maak ruimte voor iets leuksPlan activiteiten die goede herinneringen maken, los van wat er is gebeurd.
  • Geef voorlichting die bij de leeftijd pastZo leert je kind een gezonde band met het eigen lichaam op te bouwen.
  • Betrek broers en zussen met een eigen verhaalHoud het eenvoudig en passend bij hun leeftijd, en stem af wat ze weten.
  • Bepaal wie het weetJij beslist wat je deelt, wanneer en met wie. Je hoeft niets te haasten.

Als je kind het pas later vertelt

Veel kinderen vertellen het pas jaren later. Soms pas als ze tiener of volwassen zijn. Ook dan is jouw reactie bepalend: dat je luistert, gelooft en niet oordeelt over de tijd die het heeft gekost.

Is het lang geleden gebeurd, dan is sporenonderzoek meestal niet meer mogelijk. Dat kan alleen in de eerste week. De vraag is dan vooral: wil je aangifte doen of niet? Kijk daarbij naar wat het voor je kind betekent. Wat heeft je kind nodig, en wat doet dit met je kind? Je hoeft die keuze niet snel te maken.

Ook een oude zaak kun je bespreken. Je kunt bij de zedenpolitie (0900-8844) overleggen wat er mogelijk is, ook als het lang geleden is. Een melding wordt tien jaar bewaard.

Signalen die je kunt zien

Kinderen zwijgen vaak uit schaamte, schuldgevoel of angst voor de gevolgen. Soms zie je eerst iets in hun gedrag. Dit zijn voorbeelden:

  • Slaapproblemen, nachtmerries of angst in het donker
  • Eetproblemen of buikpijn zonder duidelijke oorzaak
  • Plotselinge stemmingswisselingen: verdriet, boosheid of zich terugtrekken
  • Angst voor bepaalde personen of plekken
  • Terugval naar jonger gedrag, zoals bedplassen of duimzuigen
  • Seksueel gedrag dat niet bij de leeftijd past
  • Weigeren te praten over een ‘geheimpje’ met een volwassene
  • Plotseling veel zakgeld, of veel praten over een nieuwe, oudere vriend

Signalen zijn geen bewijs. Ze kunnen ook bij andere problemen horen. Twijfel je? Vraag dan advies aan een hulpverlener, de huisarts of Veilig Thuis, in plaats van zelf door te vragen.

Heb je een vermoeden, dan mag je het gesprek wel aangaan. Doe dat rustig en zonder te sturen. Je kunt bijvoorbeeld vertellen dat niemand aan het lichaam van je kind mag zitten als je kind dat niet wil, en vragen of dit ooit is gebeurd. Luister naar wat je kind zelf wil vertellen en vraag niet door. Een kinderboekje over nee zeggen en eigen grenzen kan een goede ingang zijn.

Aangifte doen

Of je aangifte doet, is een belangrijke keuze. Je hoeft die niet meteen te maken. Je kunt eerst bellen om te overleggen, zonder dat je al aangifte doet. Een melding doen kan ook, zonder dat je aangifte doet.

  • Bel eerst de zedenpolitie0900-8844. Ga met de politie in gesprek over wat je wilt: een melding of aangifte doen. Ze leggen uit hoe het werkt en wat er voor jouw kind mogelijk is. Bij gevaar bel je 112.
  • Je kunt eerst een melding doenBij een melding legt de politie jouw verhaal vast, maar start er nog geen onderzoek. Dat begint pas bij aangifte. Je houdt zelf de regie over wat daarna gebeurt. Een melding wordt tien jaar bewaard.
  • Sporenonderzoek kan snel nodig zijnDat is mogelijk als het minder dan een week geleden is gebeurd en je toestemming geeft. Het gebeurt door een speciaal opgeleide arts bij een Centrum Seksueel Geweld, ook als je nog twijfelt over aangifte. Bel daarom snel 0800-0188.
  • Je kunt bedenktijd krijgenMeestal één of twee weken, in overleg met de politie. In die tijd kun je overleggen met een vertrouwenspersoon of slachtofferadvocaat. Een gespecialiseerde advocaat is soms gratis.
  • Het gesprek is aangepast aan kinderenVoor kinderen van 4 tot 12 jaar zijn er kindvriendelijke ruimtes. Ouders zijn niet bij het gesprek en wachten in een wachtruimte. Tijdens het onderzoek krijg je meestal niet te horen wat je kind heeft verteld.
  • Praat er niet zelf over doorLaat de details over aan de zedenrechercheurs. Vragen van jou kunnen het later lastiger maken. Schrijf wel op wat je kind uit zichzelf heeft verteld, met datum, in de woorden van je kind.
  • Je adres kan afgeschermd blijvenJe kunt aangifte doen onder domicilie, zodat je adres niet in het proces-verbaal komt.

Geen sporen betekent niet dat er niets is gebeurd. Ook als er geen lichamelijke sporen zijn, kan er veel zijn gebeurd.

Wanneer zoek je hulp?

Wacht niet af. Zoek direct hulp, ook als je nog niet zeker weet of er iets aan de hand is. Hoe eerder je kind steun krijgt om emoties te reguleren en zich veilig te voelen, hoe beter. Dat geldt voor nare beelden, slaapproblemen, angst of veranderd gedrag, en ook als jij je zorgen maakt of je machteloos voelt.

Hulp hoeft niet altijd via de huisarts of een psycholoog te lopen. Ook complementaire zorg kan een goede plek zijn, bijvoorbeeld een therapeut die ervaring heeft met kinderen en veiligheid in het lichaam. Kies iemand bij wie jij en je kind zich veilig voelen.

Centrum Seksueel Geweld0800-0188. Bellen of chatten, voor iedereen die met seksueel geweld te maken heeft of heeft gehad. Ook voor ouders.
Slachtofferhulp NederlandJuridisch advies, praktische hulp en emotionele steun als je kind slachtoffer is geworden.
Zedenpolitie0900-8844. Voor informatie of om seksueel grensoverschrijdend gedrag te melden.
Veilig ThuisAdvies- en meldpunt bij een vermoeden van kindermishandeling. Gratis en anoniem te bellen. Actuele contactgegevens staan op veiligthuis.nl.
HuisartsEen eerste aanspreekpunt voor lichamelijke en psychische klachten. De huisarts kan met je meedenken en doorverwijzen als dat nodig is.
Complementaire zorgBijvoorbeeld een therapeut die werkt met het lichaam, ademwerk, hypnotherapie of speltherapie. Vraag naar ervaring met kinderen en met seksueel misbruik, en kies iemand bij wie jullie je veilig voelen.

En jij?

Wat je voelt is normaal: verdriet, woede, schuld. Laat het niet de overhand krijgen, en dwing jezelf niet om sterk te zijn. Zoek steun bij mensen die je vertrouwt of bij een professional.

Zorg ook voor momenten van rust. Het kan helpen om voor jezelf op te schrijven wat er is gebeurd, om je gedachten te ordenen. Hulp vragen is een vorm van zorg, voor je kind én voor jezelf.

Bronnen

Blijf op de hoogte

Nieuwe verhalen, afleveringen en handvatten. Zonder schokkende beelden.

Je ontvangt eerst een mail om je aanmelding te bevestigen. Afmelden kan altijd. Je gegevens blijven van jou.